Programma

Dynamisch Verandermanagement

Het programma van de Masterclass Dynamisch Verandermanagement bestaat uit 8 bijeenkomsten (modules). Alvast meer informatie? Neem contact op met aags-fmg@uva.nl.

Module 1 - Transities in een complexe maatschappelijke en politieke context

Kernvraag: Wat zien wij als de hedendaagse opdracht van onze organisatie als we kijken naar belangrijke maatschappelijke ontwikkelingen en hoe die doorwerken in onze praktijk?

Wat kan je hiermee?

  • Je wordt je meer bewust van de complexe en vaak onvoorspelbare maatschappelijke context waarbinnen je je keuzes moet maken. 

  • Je maakt kennis met een nieuw veranderconcept van zelfregulering en leert van hieruit anders kijken naar de hedendaagse doelstelling en werkwijze van je organisatie. 


Module 2 - Zelfuitputting en fragmentering van complexiteit 


Kernvraag: Welke reacties op de besproken maatschappelijke ontwikkelingen zijn problematisch? Welke leiden tot zelfuitputting? Tot fragmentering en verkokering? 
Wat kan je hiermee?

  • Je ontdekt in de samenleving, organisatie en bij jezelf allerlei vormen van onteigening van zelfregie die bijdragen aan zelfuitputting van het sociale leven en aan het niet nemen van eigen verantwoordelijkheid. 

  • Je wordt je meer bewust van de vele ontkoppelingen in het denken tussen beleid en uitvoering, tussen theorie en praktijk, tussen inhoud en proces, tussen economische en sociale kennis en in het algemeen tussen subject(denken) en object(denken). Je ontwikkelt meer gevoeligheid voor diverse vormen van fragmentering van de werkelijkheid en voor onterechte reductivevan complexiteit. 


Module 3 - Een driewerelden benadering van zelfregie 


Kernvraag: Wat betekent het om in sociaal-constructieve zin vanuit meerdere perspectieven te kijken naar organisaties en ons eigen functioneren daarin? 
Het gaat hier om de verstrengeling van drie perspectieven op veranderen gezien vanuit gedrag, vanuit persoon en vanuit omgeving. Deze drie perspectieven verwijzen naar drie veranderparadigma’s in de West-Europese geschiedenis van het denken over veranderen en veranderbaarheid van mens, organisatie en samenleving. 


Wat kan je hiermee?

• Drie verschillende brillen. Je maakt kennis met
 drie verschillende paradigma’s (perspectieven) in
het West-Europese denken over veranderen en veranderbaarheid van mens en samenleving. Je leert deze in hun onderlinge samenhang toe te passen op het functioneren van jezelf en je organisatie.

Module 4 - Cognitieve basiscompetenties van veranderen: ontwikkeling van een lerende organisatie

Kernvraag: Wat houdt het cognitief handelingsvermogen van organisaties in en hoe kunnen die competenties worden aangesproken en versterkt? Waar liggen op dit gebied sterke en zwakke punten in ons functioneren en welke adviezen geven we hier aan onszelf?

Wat kan je hiermee?

• Je leert meer in verhoudingen en contexten te denken en van daaruit beter je eigen mogelijkheden tot beïnvloeding in te schatten. Je ontwikkelt jezelf tot een re ectieve praktijkwerker die moreel denkt zonder moralistisch te worden.

• Je leert met elkaar een exibele strategie van gedeelde waarden te ontwikkelen, de doelmatigheid van je handelen te verbeteren en je gevoel van zelfbekwaamheid te versterken. Je maakt kennis met positieve manieren van verleiding en zelfverleiding.

Module 5 - Intrapersoonlijke basiscompetenties van veranderen: ontwikkeling van een warme organisatie

Kernvraag: Hoe zit het in de organisatie met de aandacht voor de persoonlijke factor en voor de binnenwereld van mensen en hoe kunnen we de competenties van mensen op dit gebied versterken?

Wat kan je hiermee?

• Je versterkt de aandacht voor de dynamische binnenwereld van de betrokkenen in het verandertraject, waardoor het samenwerken betekenisvoller en lichter wordt. Dit bevordert 
pro sociaal gedrag, voorkomt zelfuitputting en opstapeling van negatieve emoties en bevordert een positief gebruik van onbewuste intelligentie.

• Je leert kijken naar de persoon als een multidimensionaal zelfsysteem met aandacht voor de innerlijke dialogen en discrepanties tussen verstand, gevoel en gedrag in verschillende rollen en contexten. Dit bevordert het levend leren, voorkomt onterechte generalisaties, helpt om de verstandelijke controle over jezelf zo nodig wat meer los te laten
en draagt bij aan versterking van de sociale identiteit va

Module 6 - Basiscompetenties van maatschappelijk verantwoord handelen: ontwikkeling van een maatschappelijk verantwoorde organisatie

Kernvraag: Hoe zit het met het sociaal-maatschappelijk handelingsvermogen van de organisatie en wat kan daarin worden verbeterd?

Wat kan je hiermee?

  • Vanuit een dynamische en actieve cultuurbenadering leer je mogelijkheden in te zetten tot versterking van de interculturele handelingsbekwaamheid van de organisatie (cultureel kapitaal) en tot groei naar een constructieve en dialogische partnerschapscultuur. 

  • Je bevordert dat er in de werkverhoudingen sprake is van een goede balans tussen de behoefte aan autonomie en de behoefte aan verbondenheid met de ander en leert van daaruit constructief omgaan met tegenstellingen en con icten. 

  • Je draagt bij aan de versteviging van de organisatie als een sociaaleconomisch, verantwoord en politiek democratisch handelingssysteem en aan versterking en bestendiging van de invloedspositie van cliënten en uitvoerende professionals. 


Module 7 - Bijdragen aan vitaliteit en bevlogenheid in het werk


Kernvraag: Wat zijn nu de kernaspecten van de zelfreguleringsbenadering en hoe dragen deze bij aan een bezielende manier van werken en aan het realiseren van een duurzame samenleving?

Wat kan je hiermee?

  • Je ontwikkelt een samenhangend inzicht in de basiskenmerken van zelfregulering. 

  • Je komt tot conclusies en samenhangende aanbevelingen ter verbetering van het functioneren van jezelf en je organisatie.

Module 8 - Presentaties en uitreiking certificaat

Kernvraag: Hoe kan ik het geleerde toepassen binnen de organisatie? Hoe pas je het geleerde toe bij het oplossen van een vraagstuk dat je centraal wilt stellen.

Wat kan je hiermee?

• Je brengt samenvattend onder woorden wat
er momenteel in je organisatie kan worden
gedaan om het zelfregulerend vermogen van cliënten, uitvoerende werkers, managers en beleidsfunctionarissen op te sporen, effectiever aan te spreken en te versterken.

• Je maakt kennis met de presentaties van medecursisten en de wijze waarop zij de aangeboden theorie toepassen in hun praktijk.

Gepubliceerd door  Faculteit der Maatschappij- en Gedragswetenschappen

6 juli 2017